Coco...Paco...

Mijn Guru,  de valkparkiet.

Onlangs heb ik aan de 8 daagse de training Liefdesbang bij Hannah Cuppen deelgenomen. Na een huwelijk en diverse relaties in mijn leven ben ik nu 9 jaar single. Na de laatste relatie breuk 9 jaar geleden heb ik wel gedate en soms een paar maanden langer iemand willen ontdekken, maar heb ik vooral een relatie met mezelf opgebouwd en naar mijzelf gekeken hoe ik mij hierin ontwikkelde. Ik vond het belangrijk, en nu nog steeds, dat ik pas weer in een relatie zou stappen wanneer ik emotioneel onafhankelijk kon zijn. Mezelf verliezen wilde ik in ieder geval niet meer.

Regelmatig kwam ik tijdens het daten mannen tegen die een verbindingsangst vertoonden en ik moe werd van hun wens om een zelfstandige vrouw te vinden. Dat was ik al jaren maar emotioneel wilde ik verbonden zijn en soms even niet meer zo onafhankelijk zijn. Gewoon lekker op iemand kunnen bouwen en me laten verzorgen. En anderzijds waren er mannen die na één date al heel snel aangaven dat ze in mij wel een juiste partner zagen. Dan bedacht ik mij weer dat zij niet eens de moeite namen wie ik nu werkelijk was en zij hun ideaal plaatje op mij projecteerden. Been there done that, no way! Waar ik begon in een veroveraarster rol, met speelsheid en nieuwsgierigheid, veranderde in mij dan iets waardoor ikzelf ineens afstandelijk werd. Wanneer ik hun goedkeuring kreeg dan wees ik hen af of noemde punten van mijzelf op om mijn persoon vooraf al minder rooskleurig te tonen zodat ik al afgewezen werd  nu ik nog geen gevoel had.  Dit zette mij alweer aan het denken.

 

“Zou ik dan ook verbindingsangst hebben?”, was mijn gedachte. Ik kon me wel een verlatingsangst herinneren uit mijn verleden relaties. Ik werd hierin de ideale partner zodat ik maar gewaardeerd en geliefd bleef. Inmiddels rangschik ik de relaties in muzieksoorten; ik werd een hardrockster, een Latina, een Stones-rockster, een R&B chick. Gevormd naar de muziekkeuze van de man in mijn leven op dat moment. De hardrock jaren waren de langste jaren. Terwijl ik vroeger eigenlijk een Dolly Dots fan was en erbij liep als Madonna. Zwijmelen bij onder andere Barbara Streisand, Doris Day, en Elvis Presley. Een softie die het liefst naar films kijkt van Fred Astair, Ginger Rogers, Audrey Hepburn enzovoorts. Misschien was ik nu wel getransformeerd van verlatingsangst naar verbindingsangst in mijn single jaren. Het komt op hetzelfde neer; ik wilde geen afwijzing ervaren. Een oude pijn die vaak door generaties lang is meegenomen en vaak al in de jongste jaren ontwikkeld is. Tijdens de training zijn me wederom eigen processen en patronen verhelderd en bevestigd. De angst voor afwijzing, mijn onbewuste angstreacties, de motivatie om in een relatie te zijn of niet.

 

Ik neem even een zijstap. 2 Jaar geleden heb ik, na een alleen gaande rondreis in Amerika, een valkparkiet geadopteerd. Ik wilde een vriendinnetje in mijn huis die mij zou begroeten als ik thuis kwam nu mijn dochters uitwonend waren. Wel eentje die tam te maken was. Bij de kweker vroeg ik naar een pop (een vrouwtje). De vogel waar ik me tot aangetrokken voelde was een pop. Dat kwam goed uit. Naast de 2 reeds volwassen dochters was mijn, reeds overleden, hond ook een meisje. Dat voelde altijd goed met meiden in huis waar ik opgegroeid ben met 2 technische broers. Ik was er trots op om ineens meiden om me heen te hebben. 9 Jaar geleden begon ik pas vriendinnen te vinden en de vrouwenwereld te ontdekken; ik ging bewust naar vrouwen netwerken en festivals om de vrouwelijke energie in mezelf op te wekken nadat ik altijd alleen met mannen en relaties was bezig geweest vanaf mijn 15e. Ik leerde dat de vrouwelijke energie om mij heen mij een krachtig gevoel gaven en ik me kwetsbaarder kon gaan voelen en tonen. De verbinding met vrouwen herinnerden mij aan mijn eigen vrouwelijke energie. Ik was dan wel altijd erg vrouwelijk van buiten maar mijn innerlijke vrouw die niet gekwetst wilde worden gooide er voortdurend een heleboel testosteron tegen aan om haar mannetje te kunnen staan.

 

Ergens heb ik me vaak afgevraagd of Coco wel werkelijk een meisje was. Zij kon best leuke deuntjes fluiten en wist mij na te praten met “kom maar”, “kiekeboe”, “kusje kusje” waarna ze 3 kusgeluidjes maakte. En altijd leuk;  het bouwvakkers na-fluitje. Vaak liep zij met gespreide vleugels te pronken met borst vooruit als zij bij een spiegel kwam en begon te krijsen als ik maar de kamer uit liep. Ik twijfelde aan het geslacht omdat ik dit gedrag al eens gelezen had bij een mannetje. Maar ik verdrong dat idee. Al moet ik zeggen dat het wel een universeel mannen gedrag is en er om moet lachen hoe dieren en mensen te vergelijken zijn. Op een gegeven moment, een paar weken geleden, komt mijn dochter bij mij op bezoek en doet de mededeling dat Coco een mannetje is. Een vriendin van haar, biologe en dierendeskundige, wist met zekerheid te zeggen dat Coco een mannetje was. “NEEEEEEEEEEE!” dacht en zei ik. Ik voelde een weerstand opkomen terwijl ik anderzijds het wel verwacht had. Wat nu? Coco? Poko? Ik zei dagelijks ”mien meissie” en kriebelde haar dan in haar tere nekje. Nu oefen ik dagelijks met “hallo manneke”, “hai kereltje”, “dag jochie”… Het ligt niet lekker op mijn tong en heb er soms nog een soort van afkerend gevoel over. Ik kan er met momenten naar kijken en denk erover na hoe het zou zijn om met een man samen te wonen. Ergens benauwd het me enorm. Tegelijkertijd vertel ik mijn omgeving cynisch dat ik in het geheim al 2 jaar met een man samenwoon maar hem in mijn torenkooitje gevangen houd en dat ik hem even vrij laat wanneer ik er zin in heb. Dat vrij laten doe ik wel met beleid, wanneer ik niet persé weg hoef de eerste uren. Want geef je haar…hem..  (het opschrijven van de mannelijke woorden is al vreemd) de vrijheid dan is het onvoorspelbaar wanner hij weer de kooi ingaat. Vangen heeft geen zin; dan bijt hij van zich af. Gewoon de vrijheid geven en lokken met wat lekkers of als hij wil slapen. Heeft hij zin in een avontuurtje buiten de kooi dan duurt het even voordat hij weer terug komt uit verveling. Tja.. zoveel verschilt het dus niet met onze menselijke relaties; geef je ze 1 vinger…. Ach ja.. ik generaliseer het een beetje. Alsof vrouwen zo heilig zijn..

De naam noemen, Coco, Paco, is afhankelijk van mijn mood. Soms is het een mannetje, homootje, transgendertje, uit gewoonte weer een meisje. Steeds vaker accepteer ik een ‘hij’ in mijn huis en leer ik met het idee te leven om met een man samen te zijn. Woorden alleen al zijn zo bepalend merk ik.  Inmiddels zie ik Paco als een mooie oefening om te wennen aan het idee dat er een man in mijn leven is en te genieten van de liefheid ervan. Wanneer ik het macho gedrag zie bij Paco dan sta ik even stil bij mijn gevoel en leer steeds meer om het positieve ervan in te zien en te voelen. Arme Paco… blootgesteld aan mijn grieven. Gelukkig zingt ie dan weer ”Happy bird-day to you” en weet ik dat het me niet kwalijk genomen wordt.  Vroeger was mijn hond mijn Guru, nu mij vogel. Ze geven mij inzichten en hebben mij onvoorwaardelijk lief zodat ik de ruimte voel te zijn wie ik ben.

 

Ergens was het dus niet alleen de verlatings -en verbindingsangst alleen dat ik zo lang single ben, maar ook mijn afkeer van mannelijk gedrag vermoed ik. Met name het dominante macho gedrag. En niet zozeer de man ansich. Ik irriteer me namelijk ook aan vrouwen die teveel testosteron in zich hebben of hun “mannetje” willen staan en weinig gevoel tonen. Een teveel van dit mannelijke aspect biedt mij niet de veiligheid om in mijn eigen vrouwelijke kwetsbaarheid te zijn, de gevoeligheid er te mogen laten zijn. Inmiddels heb ik de ervaring opgebouwd dat de kwetsbaarheid heel krachtig kan voelen door nabij andere vrouwen te zijn maar ook steeds meer bij mannen. Al heb ik nog wel meer belevingen nodig door ermee te oefenen. Tijd om maar weer eens te gaan stage lopen (lees: daten).

 

De angst voor afwijzing begrijp ik nu en neem ik mee. Ik oefen ermee om mijn afwijzings-angst aan de hand mee te nemen en er niet meer voor weg te lopen. Mezelf telkens af te vragen; vertrek ik of blijf ik in de verbinding? En Paco? Hij herinnert mij dagelijks aan het liefhebben en de kwaliteit van de mannelijke kant des levens. Want zonder die kant, waar óók ik ooit goed in was, ben ik niet Heel.